Je hebt controle over je eigen gedachtes
Wat wil je denken
Hoe wil je je voelen
Wat zorgt ervoor dat JIJ -als persoon- een positiever inzicht krijgt op een situatie

Mijn ochtend gedachtes zijn het zwaarst
Een muis wordt een olifant
Wit wordt grijs en veranderd langzaam in de kleur zwart

Hoe controleer ik deze?
Ochtendmeditatie.
Dit helpt mij de situatie, en mijn eigen gevoel, te relativeren en weer terug te brengen in de juiste kleur

Self-control.

26 november
The Entrance > Newcastle

Het begon te kriebelen. Ik wilde weer fietsen en verder door in mijn atlas.

Na Nick en AJ bedankt te hebben voor de gastvrijheid -en de ervaringen- van afgelopen week ging ik verder.

Al dagen had ik de plek Newcastle in mijn hoofd. Ik wilde deze aantikken. Waarom?
Omdat ik in Engeland ook in deze plek ben geweest. Logisch? Nee.
Maar waarom niet.

Het was een heerlijke fietsdag. Alles ging vanzelf.
Ontbijtje nummer twee had ik in een verlaten bushokje met uitzicht over de snelweg (het was mooier dan het klinkt) en ik lunchte in Belmont aan het meer ‘The Pelican’ (althans, ik denk dat het zo heette); veilig in de schaduw met uitzicht op het water dat de zon liet schitteren.

Hier passeerde ik een bord wat een nieuw aangelegd fietspad aangaf dat (volgens de kaart) uitkwam in Newcastle; perfect!
Ik sloeg direct af.

Twee uur lang door bos en schaduw. Heerlijk.

Soms raak je in trans en mis je je afslag waardoor je een aantal kilometer te ver gaat; dat was nu het geval. En terugfietsen in mijn hoofd werkt niet dus fietste ik door.

Ik kwam aan bij het einde van het park; aan de rand van het stadje.
Tsja, hier kon ik mijn tent niet opzetten. Ik besloot een groep fietsers te volgen die passeerde..
door hun kwam ik bij een mountainbike trail uit.

Hop, fiets over het hek en op de kaart die was aangegeven zou er aan het einde van de trail een strand zijn; daar zou ik kunnen slapen.

Ha-ha, wordt je er even aan herinnerd dat je helemaal geen mountainbike hebt :p
Na een keer op m’n plaat te zijn gegaan door het zachte zand, en twee keer een stijging geprobeerd te hebben die mij gewoon weer terug liet glijden door het losse grind, gaf ik het op. Oke.. geen strand, ik zal het lager moeten zoeken.

Zo bracht ik mijn nacht tussen de bomen door; diep achter een populaire trail.
Komt het goed uit dat mijn tent groen is – niemand die me ziet.

‘S ochtends was het drukker dan ik dacht. Terwijl ik mijn spullen aan het inpakken was kreeg ik goedenmorgens van de vroege vogels op de fiets.

Ik raakte in gesprek met een fietser die vaker lange afstanden deed. Deze man veranderde mijn dagplanning.

Zelf had ik bedacht om om de Hunter River heen te fietsen en Nelson Bay te skippen (ondanks de aanraders die ik had gekregen). Deze man raadde mij dat af. Het zou een mooie fietsroute zijn en de kans om dolfijnen te zien als je de ferry neemt vanaf Nelson Bay was groot.

Fijne fietsroute.. pondje.. dolfijnen.. Oké ik was verkocht. Hop naar het pondje!

Toen ik uiteindelijk uit het mountainbike gebied was, begonnen de eerste kilometers met een lange daling. Een daling waarbij ik de file die er stond vanaf links voorbij reedt. Wat een heerlijk gevoel!

Newcastle was nog aan het opstarten. Buiten werd schoongemaakt; mensen haalden hun eerste koffie en probeerde zo hun dag te beginnen. Ik vind deze ochtenden heerlijk. Vooral na de file als een baas te zijn gepasseerd.

Het pondje, gelegen aan een haven waar pondjes aanmeerde gevuld met kinderen in schooluniformen, vertrok elk kwartier. Dus was het mijn koffie tijd.

Op de pond ontmoette ik een dame die, jawel, nederlands was. Met haar strohoedje en blauwe fiets, met voorop een mandje gevuld met bloemen, maakte zij het stereotype waar.

Weer een fietspad dat mij de eerste kilometers leidde en vervolgens overging in een autoweg.
Twee uur, en volgens mij ook een lichte zonnesteek, later was ik in Nelson Bay.
Wat ben ik blij dat ik naar deze man heb geluisterd.

Een gezellig stadje met van alles wat. Winkels, musea, buiten activiteiten en natuurlijk; strand!
.. En veel chinezen (maar laat ik daar maar niet op in gaan)

Ik had geluk..
Vanwege de drukte en het weer was er geen regelmatige tijd voor deze oversteek. En aangezien er slecht weer op komst was zou dit pondje nog maar één keer varen; heen.. en niet terug.
Yo, ik hoef ik niet terug.

Twee uur te overbruggen.
Twee uur om mijn voeten weer in het water te laten.
Twee uur om koffie te drinken.
Twee uur om voedsel in te slaan.
Twee uur om in de schaduw te blijven.
Twee uur om te powernappen!

De oversteek duurde een uur. Door het weer hebben we geen dolfijnen gezien maar het uitzicht maakte dit goed.. Weer verlaten eilandjes die het water opvulde met her en der wild groeiende bomen die ik nooit eerder had gezien, en dieren waar ik -waarschijnlijk- het bestaan nog niet van wist. Je zag genoeg.

We meerde aan bij Tea Gardens, die een brug verwijderd was van Hawks Nest; het doel van de dag.

Vanwege de regen die de volgende dag was voorspeld had ik besloten op een echte camping te verblijven. Dichtbij de douches, toiletten en schuiling indien nodig.

Dat was een juiste keus.

Die nacht heeft het gestormd.. mijn hele tent zat onder de modder.
Dit was de dag erna hetzelfde.
En de dag daarna.

Wat een nacht zou zijn veranderde in drie dagen. Niks aan te doen.

Tijdens mijn dagen hier was er een schoolkamp aan de gang; net zoals wij in groep acht hebben. Alleen deze boys gaan surfen, doen community service, hiken en touren door bossen. Super vet.

Het was een privé school, wat betekende dat er elke ochtend voor ze werd gekookt (bagels, bacon en eggs), ‘s middags klaargemaakte broodjes, tussendoor chocolademuffins en bananenbrood en ‘s avonds kwam er een kok (ja echt) om voor ze te koken.
En dit was weer mijn geluk. Ik kreeg bananenbrood, ontbijt en heb ‘s avonds mee mogen eten met de spaghetti bolognese. He-he.

Door de leraren die de groepen leidde heb ik veel geleerd. Zo leerde ik een meisje kennen die outdoor trainingen geeft; zij vertelde mij over het gasstelletje dat ik gebruikte en het schoonmaak gedeelte ervan. Een aardrijkskunde leraar vertelde me over de bijzonderheden van de stromingen hier in Hawks Nest, en de geschiedenis leraar legde mij het schoolsysteem uit (binnen een aantal jaar gaan ze hier ook meisjes en jongens mixen op de lagere school: spoiler alert). Ik hoorde wat ze de kinderen vertelde over het droog blijven tijdens slecht weer en je tent opzetten op de juiste plek (niet onder een boom!).

Ondanks de drukte die het in de openbare ruimtes gaf had het dus ook vele voordelen.
Mij hoorde je niet klagen.

De laatste avond ben ik uitgenodigd bij een stel dat kipburgers ging maken. En daar zeg je natuurlijk geen nee tegen.

30 november
Hawsk nest > Seal rocks

Door hetzelfde stel dat die avond ervoor kipburgers had gemaakt, werd ik ‘s ochtends verwend met bacon en eggs. Wat een luxe.

Ook kreeg ik een route door die mij zou brengen naar Seal Rocks; via oude trail waardoor ik niet over de snelweg hoefde. Top.
Verzadigd van het eten en de extra info stapte ik op de fiets.

‘Eerst even naar het strandje hier kijken’.

Ochtendkoffie; een momentje die ik wil blijven pakken. Met uitzicht op de zee waarin meerdere surfers zich al door de golven bevonden dronk ik deze op. Een beter begin van je dag kan in mijn ogen niet.

Let’s go.

De eerste 20 kilometer was door een National Park langs de Myall River. Hier waren zoveel open kampeerplekken die volop werden gebruikt.
Je merkte dat er een andere sfeer hing op de weg; veel passerend vervoer was er niet, maar het gene dat langs reed toeterde enthousiast of zwaaide.

Ik ontmoette een andere fietser (allebei besloten we blijkbaar op de enige kampeerplek die afgesloten was ons tussendoortje te eten). Hij reed van Brisbane naar Melbourne en zou dan zijn reis vervolgen in Tasmanië. Hij was over dezelfde track gekomen als die ik zou pakken; The Old Gibber Track.
.. Ik had hem moeten vragen welke afslag de juiste was vertelde ik mezelf twee uur later..

Er waren namelijk drie opties. Drie opties die uiteindelijk bij hetzelfde punt uit zouden komen.. Althans, dat liet de kaart zien.

Mijn optie één was niet juist; twintig minuten nadat ik over een oud zandpad had gefietst dat langzaam overging ik echt zand hield de weg ineens op.

‘Oke.. en terug’.

Optie twee was ook niet juist. De eerste paar kilometers was de weg goed begaanbaar, maar na mate ik verder ging werdt dit slechter en slechter. Het leek ook steeds minder op een pad..
Toch kon je op de kaart zien dat het maar een paar kilometer tot de kruising zou zijn.
Dus ik besloot verder te fietsen.. wat overging is duwen..

Midden in het bos; na mijn fiets door water en over stammen te hebben getild hield ook hier ‘de weg’ ineens op. Ik kreeg mijn fiets niet meer vooruit geduwd door het hoge riet. Even had ik een lichte paniek.. overal om mij heen zag ik bomen en kon na een aantal keer draaien niet meer aanwijzen van welke kant ik was gekomen.

Uiteindelijk.. met een fiets die ik met al mijn kracht vooruit had geduwd werdt ik nu gedwongen weer dezelfde weg terug te nemen. Whaa.

Met verstand op nul keerde ik de fiets om.

Onderweg merkte ik dat ik mijn zonnebril verloren was. Kut.
Dit was waarschijnlijk gebeurd toen ik erachter kwam dat het voor mij, en de fiets, beter was dat ik de weg niet zou vervolgen.
Al mijn kracht -en een beetje geluid- had ik moeten gebruiken om de fiets om te keren. Het was gewoon dichtgegroeid gebied.

Wat ga ik doen? Teruglopen en zoeken; of het laten?
Ik keek naar mijn water en zag dat er nog maar een halve bidon gevuld was. Tsja.. als je een aantal keer verkeerd fietst houdt je niet veel over..

Ik besloot de gok te wagen; deed de fiets op de standaard en liep ‘het pad’ voor de derde keer af (die langer was dan ik dacht).
Heen zag ik niets.. en op de plek waar ik dacht dat het zou moeten liggen lag ook niets..
‘Oke, shit happends’, vertelde ik mezelf.

En net voordat ik die gedachte een plekje aan het geven was lag mijn zonnebril voor mijn voeten! Wat een geschenk!
Ik was zo blij dat ik de struggle terug met de fiets niet meer erg vond. Ik was te euforisch.

EINDELIJK weer een normale weg. Na twee uur van verkeerde routes nemen was ik weer terug op de plek waar ik was begonnen.
Dat hield optie drie over.
Jep.. dit was de juiste.

Het eerste gedeelte van de track leek wel een kopie uit Afrika. Oranje-achtig zand waarover je reed wat alles droger liet ogen dan het was. Uit de kluite gewassen bomen met dikke takken waar af en toe een goanna in zat.

Het tweede gedeelte was door bos; hier was het wat heuveliger maar niet al te erg.
Helaas was ik ondertussen wel door mijn water heen waardoor ik minder kon genieten van alles om mij heen. Ik had een droge mond!
Ademen voelde aan als schuurpapier. Ik herhaalde in mijn hoofd dat het nog maar een half uurtje naar Seal Rocks zou zijn; daar waar ik mijn water kon vullen.

En oo, die laatste vijf kilometers waren zwaar. Met een droge mond, spierpijn in de bovenbenen en stijging na stijging leek er geen einde aan te komen. Maar na de struggle van eerder op de dag kon niets me meer maken; erger kon niet dacht ik bij mezelf..

‘Ik ben tenminste weer op een normale weg’
(waar je wel niet blij mee kan zijn)

Uiteindelijk werd ik beloond met een lange daling die me zo naar het strand bracht!
‘IK BEN ER’.

Seal Rocks.. het was het allemaal waard.
Ik kan hetzelfde blijven omschrijven.. strand; groene bergen; blauw water.
Maar hier was het de rotsformatie die het plaatje compleet maakte. De golven die keer op keer tegen deze rosten uiteen spatten zorgden voor een spektakel dat zich meerdere keren per minuut herhaalde.
En dan de meeuwen die eromheen zweven en af en toe een snelle duik in het water nemen om een vis te vangen. Gewoon wauw.

Ik genoot een paar uur van de surfers in het water..
Hier werd mijn interesse toch wel gewekt. Eerder heb ik gesurfd in Hoek van Holland en vond het maar te veel moeite en koud. Toen ik zo een langere tijd aan het kijken was naar deze activiteit besloot ik dat ik het toch wel weer wilde proberen. Meer relaxt onder de tijd en in warm water.

Ook gebruikte ik de tijd om, van het veiligheidshesje dat ik van mijn oom had meekregen, een nieuwe vlag te maken. Een aantal dagen geleden ben ik deze (waarschijnlijk door de wind) verloren en voelde me kaal.
Knippen, dichtbranden en plakken.. En wolla, een nieuwe vlag!

Via de eigenaresse van de enige ‘supermarkt’ die er aanwezig was wist ik dat ik mijn tent kon opzetten aan het strand, ondanks dat de bordjes vertelde dat dit verboden was. Meerdere reizigers deden hetzelfde en de bewoners vonden het goed.

Zand gaat overal in en tussen zitten (irritant); dus besloot ik mijn plek iets hogerop te zoeken; op gras. Zo had ik nog steeds uitzicht op het strand, de zee en bergen. Ideaal.

Rustig wachtte ik tot het donkerder werd. De lucht veranderde in roze en paarse tinten en langzaam kwam de dauw van de avond ophoog. Wolken boven het water kwamen op en vulde de gaten van de bergen. Mysterieus.

De eerste keer dat ik de app (die aangeeft hoe recht je stukje grond is) niet gebruik.. en dus lag ik scheef die avond. Dit merkte ik pas toen ik ging liggen. Met de zijtassen van m’n fiets maakte ik een kleine muur waardoor ik minder van het matras afgleed (dacht ik).. die ochtend werd ik alsnog ernaast wakker.

1 december
Seal rocks > Nabiac

Net zoals in Patonga begon de ochtend met een stijging om Seal Rock uit te komen. Deze heb ik niet eens geprobeerd te fietsen; duwen it is! Na weer een ochtend koffietje genomen te hebben met een laatste blik op deze prachtige plek was ik er klaar voor.

Van Seal Rocks volgde ik de toeristische route richting Forster. Ook weer een plaatsje waarvan andere hadden verteld dat het waard was te bezoeken.

Een goede vriend van het gezin waar ik in Kiama verbleef bood een slaapplek aan in Nabiac. Die ochtend hadden we contact gehad en zo had ik een nieuw doel voor de dag.

Forster was de plek waar ik een Amerikaanse fietser ontmoette. Zijn reis was van Brisbane naar Melbourne en vervolgens ook Tasmanië. Dat eiland blijft maar terug komen.
We deelden ervaringen en informatie. Vervolgens besloot hij opnieuw de zee in te duiken en ik richting Nabiac te fietsen. Alhoewel.. eerder een fietsenmaker te vinden..

Want door mijn struggle van de dag ervoor, en de fiets aardig wat geforceerd te hebben, waren de versnellingen weer niet lekker. En dit keer was het echt mijn eigen schuld. Voordat dit erger werd wilde ik dit opgelost hebben.

Helaas was de fietsenmaker dat aangeven was op de kaart dicht en veranderd in een makelaar.. Dan maar op goed geluk doorfietsen.

En terwijl ik Forster uitfiets kom ik een andere fietsenmaker tegen! Heuj!
Direct stapte ik af.

Deze zag het probleem.
Waarschijnlijk door het gewicht van de tassen tikte zij steeds tegen de versnellingen aan waardoor de ketting geen ruimte had om te verschuiven. Samen hebben we twee pijpen uitgezocht (die hij achter had liggen), en heeft hij deze gezaagd en gemonteerd op de fiets zodat er meer ruimte tussen de bagagedrager en de versnellingen ontstond.
Probleem (grotendeels) opgelost!

Nabiac is een klein dorp een stukje het land in. Het heeft van alles wat je nodig hebt rond een klein pleintje. Super schattig.

Doordat het meer in land was kreeg ik een beter beeld van het echte farm leven.
Je had hier genoeg hectare’s om je heen om je vrij te voelen en toch nog je buurtjes te kunnen zien om je veilig te voelen.

De ene heeft koeien, de ander stieren en op de farm waar ik verbleef waren er paarden; racepaarden om in details te treden.

Aangezien Rob, de man des huizes, zelf niet thuis was, was Michael aanwezig; een vriend die de dieren verzorgd als Rob weg is. Samen hebben we die avond in een pub gegeten waar er daarna een band optrad. Hier heb ik -denk ik- de autstralische uitgaansgelegenheid van een dorpje beleefd.

Hoe wij alles apart hebben; hebben ze hier alles in één. De pub is ook een restaurant; een cafe; een gokhal en een club.
Het was bijzonder om te zien hoe iedereen die er anders uitzag zich hetzelfde gedroeg. Hoe los iedereen zich liet gaan; ongeacht welke leeftijd, alleen op de dansvloer of gevuld; iedereen deed wat ‘ie wilde en niemand keek raar. Het werdt zelfs aangemoedigd.

Met een glimlach heb ik die avond, met een Canadian Club (mijn lieveligsdrankje hier), van de andere mensen genoten.

2 dec
Op de farm

Een dag van taakjes en niks doen.

Aangezien ik in The Entrance vergeten was mijn natte tent uit te laten drogen zorgde dit voor kleine schimmelplekjes. Niet echt hygiënisch als je daar bijna elke avond in slaapt.
Dus met een emmertje gevuld met sop en een schuursponsje heb ik deze verwijderd. Ik voelde me net een vrouw uit de jaren 50 die de was op de oude manier deed.
Rustgevend is het gek genoeg wel.

Ook een taakje was de was. EINDELIJK. Kledingstukken aandoen voor meerdere keren is niet erg maar als je door je ondergoed heen bent is het een ander verhaal.

Deze dag was het bizar warm.. niet alleen qua hitte maar ook de luchtvochtigheid. Mijn rondje langs de paarden deed me hijgen dus besloot ik de rest van de dag lekker binnen te blijven onder de ventilatoren.

Rob kwam pas laat die dag thuis dus at ik alleen. Effe in je eentje kokkerellen in een echte keuken is ook wel weer eens lekker.
Die avond gaf ik de paarden te eten. Ik voelde me echt een boerinnetje; heerlijk.

3 dec
Op de farm

Ik had al besloten om deze dag verder te fietsen.
Alleen lieten de ochtendomstandigheden mijn dag anders lopen.

Ik stond op.. ontmoette Rob (grappig, aangezien je al twee dagen in diegene zijn huis ronddarteld).. en zo begon het.

Het bleek dat de schapen die nacht waren aangevallen voor wilde honden; hier kwamen we achter nadat de buren een gil hadden gegeven van een verdwaald schaap op de weg.
Dit had als gevolg dat er eentje in shock verkeerde (die stond een beetje dood voor zich uit te kijken ver van zijn broeders en zusters vandaan), en eentje liep mank.

Veel te doen en dus zou ik die dag op de farm meehelpen. Damage control.

Met een plastic flesje en tape hebben we samen de manke verbonden. Degene die ik shock verkeerde hebben we vitamines toegediend in de hoop dat dat hem weer terug op aarde zou brengen.

Er miste twee schapen.. Dus stapte we in de auto en reden over het land om te zoeken.
Helaas.. daar lag er al eentje.. dood.
De ander hebben we niet terug kunnen vinden; waarschijnlijk is deze meegesleurd door de honden.

Na de ravage van de aanval opgeruimd te hebben ontfermde we ons over de paarden.
Deze gaven we voedsel en ook hier verzorgde we een wond. Een wond die het paard weken geleden bij zichzelf had toegebracht. Onder afleiding van hooi hebben we deze ontsmet.

Taakies; Ook grasmaaien stond op de lijst. En aangezien ik nog nooit op een tractor van een grasmaaier had gezeten wilde ik dit maar al te graag doen!

Het werkt ontspannend. Lange banen in een rechte lijn met je oorwanten op.
Trots als je over het korte gras kijkt dat, uitgelijnd in rechte stroken.

Tussendoor dronken we een fruit smootie en aten een boterhammetje met kaas.
We haalde hout in een stadje verderop voor de hekken en daarna nog meer grasmaaien.

We sloten de dag af met een snelle duik in de zee in Forster. We waren als enige in het water met de zon die langzaam verdween achter de bergen. Living life.

De schapen op de wei hadden twee doeleinden. 1. om de gele bloemen op te eten en 2. voor het vlees.
Die avond hebben we optie twee gebruikt. Eerder in de week was er een lam geslacht en onder gezelschap van een andere vriend die langs kwam hebben we die avond een stuk gegeten. Groente op de barbeque en zo was het een echt aussie dinner.

Na het eten kwamen we erachter dat we dezelfde muzieksmaak hadden. En zo gebeurde het dat de platenspeler aangesloten werdt en we oude LP’s hebben gedraaid.

Wat een dag. Zoveel nieuwe dingen gedaan en meegemaakt.

#22 Farm life

Post navigation


7 thoughts on “#22 Farm life

  1. Wauw odet wat een ervaringen en belevenissen weer. Echt een doorzetter en levensgenieter ben je!! En het blijft me verbazen hoe lief en gastvrij alle mensen om je heen zijn. Super fijn!! En het echte farm leventje ontdekt lijkt me ook erg leuk zonder die getroffen schapen uiteraard.

  2. Er bestaat geen afstand in km’s om jezelf te leren kennen. Het gaat niet om het eind punt, maar de weg die zelf moet afleggen heet leven. Je verteld op een luchtige manier over de dingen die je mee maakt. Maar zo als je het schrijft met steile wegen omhoog soms grind of los zand geen weg te zien en dan weer asfalt naar beneden. Leer je snelheid voor het beleven van je leven. Geniet van wat je is gegeven en dankt daar voor. Het roer om moeten gooien zoals je dat zelf omschrijft zonder terug te willen gaan waar je al bent geweest.
    Ik hoop dat je je weg weet te vinden met mooie wegen die je leven een nieuwe basis gaat geven. En blijf schrijven want iedereen kan er wel iets van je verhalen leren Dat je lef moet hebben om je zelf te leren kennen is duidelijk.

    Ik reis zelf in mijn vrije tijd op een ligfiets naar veel plekken in Nederland om bij familie, vrienden ,ligfiets vrienden te komen en om dan weer thuis te komen bij mijn eigen gezin. Nederland is mooi en uitdagend en voor als nog groot genoeg voor mij. Zet hem op en leer het leven te waarderen.
    Vriendelijke Groeten van Alexander Kamminga

    1. Bedankt voor je berichtje Alexander! Wat een mooie woorden. Ook dit soort berichtjes zorgen voor een extra kracht en enthousiasme van mijn kant 🙂

  3. Mooi zeg!
    Kwamen die drums van een drugslab ☺
    leuke camping daar in de wildernis…
    Zitten achterop je bagagedrager genieten we mee van je reis…☺
    groetjes Gert

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *