Sydney en the Blue Mountains!
Van stad naar natuur

 

Twee dagen van lekker de toerist uithangen.
Twee dagen van vele indrukkingen.
Twee dagen van contrast. 

Sydney

Wat niet de hoofdstad van Australië is.. een misplaatst feit waar ik jarenlang in heb geloofd. Een stad dat niet bedoeld was zo groot te worden en dat merk je aan de infrastructuur (woorden van de bewoners zelf). Een jonge stad met dus nog weinig geschiedenis waarvan alle highlights vlak naast elkaar liggen – wel lekker makkelijk. 

Van de plek waar ik verbleef in Oatley was het een uurtje met de trein. Lekker onvoorbereid ging ik erheen, dus het eerste wat ik deed toen ik arriveerde was (natuurlijk) naar een informatiebalie gaan.

Hier kreeg ik drie verschillende kaarten mee (op papier zitten ze ook niet verlegen) en een paar tips van de bewoner zelf.

Eerst eten.
Met het uitzicht op de Harbour Bridge en het Opera House aan mijn rechterzijde at ik mijn zelf gebrachte lunch op. De overkant van het water was gevuld met huizen in verschillende kleuren die op verschillende hoogtes gebouwd waren, wat een gezellig plaatje gaf. 

Ik maakte mijn rondje rond deze trekpleister en om de hoek kon je zo de Bohemian Gardens inlopen. Drie vliegen in één klap. 

Nu wil ik niet ongeïnteresseerd overkomen, maar..
De brug was (gewoon) een brug.. en het opera huis liet m’n hartje ook niet bepaald sneller kloppen. Ik dacht bij mezelf dat het misschien wel een keer een opknapbeurtje kon gebruiken door al die (ooit) witte en bruine tinten. Maar goed, ik heb het gezien 😉

De Bohemian Gardens was een fijne wandel. Ik heb niet alles in de tuin gezien want al snel trokken de bordjes mijn aandacht die me naar de Art Gallery leidde. Altijd leuk als je je laat verrassen door wat er geëxposeerd word.

Verschillende trappen met verschillende uitgangspunten; ik was verdwaald. Een vrouw (waarschijnlijk een tourleider) hielp me naar de juiste verdieping. Maar in plaats van mij alleen naar  juiste de verdieping te leidde, raakte zij in haar rol.

Dit keer was er een speciale tentoonstelling van William Kentridge; een uur later eindigde ik met een complete tour vol met achtergrond informatie over de kunstenaar en zijn reacties op de maatschappij. We bespraken verschillende gedachtengangen en zo liep ik voldaan, en geïnspireerd, het museum weer uit.

Het tweede dat mij interesse op de bordjes had gewekt was de bibliotheek; met een (kleine) obsessie voor boekenkasten en wanden wil ik altijd even naar binnen gluren.

Ik loop naar binnen en kreeg een nostalgische flashback naar de film Belle & het Beest. Een klok in het midden van de hal; drie etages vol met boeken en oude schriften, met in het midden diepe stilte met studenten en werkende mensen.

Ik heb mezelf aan een tafel gezet en een kwartiertje alles op me in laten werken.. wat heerlijk als je deze in je stad heb zeg! 

Blij met mijn twee laatste ontdekkingen liep ik de stad in..
..En was er snel weer uit.

Drukke straten; volle stoplichten; mensen die voor-naast en bijna door je heen lopen. Het gerechtsgebouw waar een klein protest plaatsvond en rechters met advocaten die bij datzelfde gebouw veel aandacht kregen. Wat een chaos. 

Toen bedacht ik me iets..
Amsterdam is het best te zien vanuit een boot.
In New York was dit hetzelfde. Net zoals in Rome en Parijs..
.. Ik moet gewoon een bootvaart gaan doen!

Dus liep ik terug naar het station, waar ik had gezien dat er rondvaarten vertrokken, en boekte een tocht van een uur. 

Het is vaak dringen voor een goed plekje. Een plekje aan de zijkant of bovenop. Nu dus niet.
Iedereen zat binnen en dat maakte mij de enige op het dek.
Ja, het waaide wel een beetje maar koud was het niet. Ik trok m’n regenjas aan en had nergens last van.

De Fast Ferry bracht me langs The Rocks, the Zoo, een paar stranden, onder de brug door en zo weer terug naar het punt waar ik opstapte. 

‘Goeie keus Odet’.

Aan het einde van de middag had ik voor mij idee alles gezien wat ik wilde zien.

Ik besloot de dag af te ronden door over de brug heen en weer te lopen; en te eindigen in The Rocks voor een wijntje en een avondmaal.

The Rocks, het oude gedeelte van Sydney. Zoveel terrasjes; zoveel opties.
En als je er dan toch bent, wil je ook niet op het eerste de beste plek gaan zitten.

Via via kreeg ik drie plekken aangeraden, maar terwijl ik deze route afliep passeerde ik een hal. Mijn aandacht werdt getrokken door de muziek en volgde het geluid. Zo kwam ik door een gate wat mij in een ruimte bracht tussen de oude gebouwen in. Binnen een gruwelijke inrichting (is positief) en buiten een bar met gezellige kraampjes en hoge tafels om aan te zitten. 

Ik besloot hier te blijven (helemaal toen ik op een bord las dat het ‘happy hour’ was). 

Met m’n rode wijntje en de pizza die ik had besteld begaf ik mezelf achterin aan de zijkant van het terras, zo had ik goed zicht op wat er allemaal gebeurde. Meetings; vriendengroepen en dates. Van alles wat. 

Ik pakte m’n boekje erbij om de dag te relativeren en drie wijntjes later besloot ik terug te gaan naar de trein.

Mijn idee was om de stad -verlicht- in het donker te zien, maar ondertussen begon het al aardig bewolkt te raken en was mijn energie voor die dag ook zo goed als op. 

‘Ik ga lekker naar huis’

Blue Mountains

Merendeel kent Pinterest; maakt borden van hun favoriete designs; huis ideeen; recepten en.. reislijstjes. Ik ben er ook zo één. 

Het voelt zo goed om daadwerkelijk de daad bij het bord te voegen en de activiteiten die je graag wilde doen ook echt uit te voeren! Zo had ik al maanden een bord met Australië staan; zo enthousiast als een kind met een lolly sloeg ik van alles op wat mij bijzonder leek om met eigen ogen te zien. 

Een van deze plaatjes die ik bewaard had was; The blue Mountains.. bestaande uit de Three Sisters. Mega rotsblokken in een diepe vallei. Wat zou ik me klein voelen als ik daar zou staan. Wat voor gevoel zou het mij geven? 

En vandaag was dus de dag. Ik zou de Blue Mountains zien! De aankomende trein reis van drie uur weerhield mij niet. Bewoners van hier raadde het af; maar ik wist dat ik spijt zou krijgen als ik dit zou overslaan. 

Gelukkig heb ik niet geluisterd.
Ik heb minutenlang naar de diepte gestaard en ver de blauwe bergen in. Vanaf het moment dat ik daar aankwam begreep ik waarom het ‘The Blue Mountains’ werdt genoemd. Foto’s kunnen niet vastleggen wat je daadwerkelijk ziet. De diepte, de kleuren, de immensiteit.
Wat fantastisch zeg.

En het werd nog beter.
Door de informatie (die ik weer niet van tevoren had opgezocht) bleek dat je daar ook kon hiken! Alle soorten paden, verschillend van een half uur tot aan een duur van drie. Je kon kiezen om diep de vallei in te gaan of vanaf boven te lopen zodat je deze diepte in kon kijken. Ik kon gewoon niet kiezen wat ik wilde. 

Natuurlijk is het een toeristenpleister; vol met chinezen en indiërs die een plekje willen veroveren voor de beste foto. 

Ik was al lang oké. Ik zag het met mijn eigen ogen, dus de perfecte foto maken stond deze keer niet op mijn lijstje. Wel genoot ik van het dringen en de blijheid van de mensen die dit wel deden. 

Mijn eerste keus voor een hike was diep de vallei in, maar na te horen hebben gekregen dat dit ‘eigenlijk gewoon’ een bospad was -waar ik al dagen doorheen had gefietst- besloot ik de bovenroute te nemen. Zodat ik de grootsheid kon zien.

The Prince Henry road – 45 minuten heen en 45 minuten terug (exclusief de stops die je maakt).

Via deze route kon je ook een deel van een ander pad bewandelen; de Federal pass in; hoe dieper je daalde hoe meer regenwoud het werd. Van boven het droge naar beneden het natte. Mooi contrast. Deze pass heb ik deels gedaan; daarna ben ik omgekeerd. Ik wilde weer omhoog.

Aan het einde van dit pad was de Katoomba Falls.. ja wel, een waterval! Dit was ook een verassing voor mij dus mijn dag kon niet meer stuk. Watervallen fascineren me.

Het is mooi om te zien dat, net als in het onderwaterleven, er nieuw leven ontstaat op de rosten. Kleine plantjes en beestjes die zich  nestelen in de holtes van dit steen.

Zwoegende mens die zo graag die hike willen maken om de beste ervaring uit de dag te halen. Heet; geen makkelijke paadjes; maar toch doen. Respect. Je zag mensen halverwege uitrusten en hun waterflesje naar binnen gieten. 

Je had zoveel uitkijkpunten waardoor niemand elkaar echt in de weg liep of stond. Elk uitkijkpunt bracht weer een ander perspectief op de vallei. Je kon wel foto’s blijven maken.. 

Twee uur later was ik weer terug op het punt waar ik begonnen was; Echo Point. Met hét uitzicht op de Three Sisters.

Toen zag ik dat er nog een pad was; deze leidde je direct naar The Sisters zelf! Aangezien dit maar twintig minuten lopen was kon ik het niet laten om deze nog mee te pakken. In plaats van er alleen naar te kijken kon ik er tussen staan! Wejo.

Na zoveel kilometers te hebben gelopen besloot ik ook de laatste kilometers terug naar station te doen. Er gingen ook bussen die je heen en weer brachten voor een kleine toegift, maar heen was ik ook al door het dorpje gelopen en vond het wel leuk om weer dezelfde weg terug te gaan. Leuke kleine Pipi Langkous huisjes hadden op de heenweg mijn aandacht getrokken en kon ze nog wel een keertje zien.

Weer drie uur terug in de trein.. deze heb ik lekker weggedoezeld onder de euforie van de dag.. Terugkijkend op de foto’s die ik had gemaakt. 

Ik was blij.

#20 Bucket List dingen

Post navigation


4 thoughts on “#20 Bucket List dingen

  1. Geweldig Odette. we genieten van je verhalen en foto’s. Als je nog Sidney bent moet je echt een keer naar de vismarkt gaan. Mooi en leuk om te zien en diverse soorten te proeven. Je komt straks in een gebied waar wij ook hebben getrokken, maar dan wel met een camper. Boven Brisbane. kan je dan nog wel wat tips geven.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *